Roeien in de winter

Denk aan de volgende punten bij het roeien in de winter:

 – Als er ijs op de plas ligt mag er NIET geroeid worden.
– Ligt er geen ijs, maar het vriest wel, ook dan NIET roeien. Er hangt een thermometer aan de achterkant van de loods.
– Als je nog wel kunt roeien, houd dan de veiligheid tijdens het roeien in het oog. De veenbonken zijn aan het zakken, en op dit moment dus des te gevaarlijker omdat ze net onder de oppervlakte kunnen zitten.
– Roei niet verder dan een meter of 15 uit de kant. Het water is al koud en als je omgaat, dan is de kans op onderkoeling sterk aanwezig en dat gaat sneller dan menigeen denkt.
– Neem een waarschuwingsfluitje, speciale warmtedeken, telefoon in waterdicht zakje of tonnetje mee.
– De stuurman zit meest dik ingepakt aan het roer. Doe ook een reddingsvest aan. Als je in het water terechtkomt, wordt je kleding vol water gezogen en dat trekt je sneller naar de diepte. Er liggen een paar
   reddingsvesten in de kast bij de roeren.
– Hopelijk gebeurt het  niet, maar als je omslaat, redt eerst jezelf en als het lukt je teamgenoten en probeer aandacht te trekken van de kant. De boot komt dan op de 2e plaats.
– Ben je toch ver uit de kant, gebruik dan de boot als drijflichaam om je aan vast te houden en probeer gezamenlijk naar de kant te zwemmen.
– Eenmaal aan de kant, klop bij de eerste de beste mogelijkheid aan om naar binnen te kunnen om je op te   warmen.